EnglishDutchSpanishGermanFrench
District Wanica

Het district Wanica werd ingesteld in 1983 en beslaat een deel van het district Suriname, dat toen veel groter was en het gehele stroomgebied van de Surinamerivier omvatte.
In 1958 werd het zuidelijk deel van het district Suriname afgescheiden, om er het district Brokopondo van te maken. Toen in 1968 het district Para werd ingesteld, moest opnieuw het district afstaan voor het nieuwe district.

Bij de nieuwe districtenindeling van 1983 moest het district Suriname opnieuw een grote verdeling ondergaan waarbij zij grote delen van haar gebied moest afstaan aan Paramaribo, aan het district Commewijne en aan het district Para.Het kleine deel dat was overgebleven kreeg toen ook een andere naam en werd herdoopt in het district Wanica.

 

Het district Wanica ligt geheel in de jonge, alluviale kustvlakte, waar we veel kleigronden vinden, doorsneden door zand- en schelpritsen.Het district Wanica grenst aan de districten Commewijne in het oosten (gescheiden door de Surinamerivier), Paramaribo in het oosten en noorden, Saramacca in het westen en Para in het zuiden.De noordgrens wordt mede gevormd door de Atlantische Oceaan.


District Wanica wordt  verdeeld in zeven ressorten, te weten:

●Houttuin met 9.128 inwoners
●De Nieuwe Grond met 17.604 inwoners;
●Lelydorp met 15.576 inwoners;
●Kwatta met 7.462;
●Domburg met 5.216 inwoners;
●Saramaccapolder met 6.158 inwoners;
●Koewarasan met 11.302 inwoners.

Het districts-commissariaat van Wanica is gevestigd te Lelydorp. Deze plaats was vroeger een klein gehucht, dat bekend stond als Kofidjompo, omdat op die plaats een slaaf Kofi zich op de vlucht in veiligheid had kunnen brengen door ter plaatse over een kreek te springen.

Toen in het begin van de 20e eeuw de spoorweg werd aangelegd van Paramaribo naar het binnenland, werd Kofidjompo een belangrijke halte op de route. En om eer te bewijzen aan de gouverneur die de spoorweg aanlegde, gouverneur Lely, werd de naam van het plaatsje veranderd in Lelydorp.Om de oude naam niet verloren te laten gaan kreeg in 1983 het plein in het centrum van het dorp de naam van Kofidjompoplein.

De spoorbaan is verdwenen, maar Lelydorp is inmiddels uitgegroeid tot een klein stadje, met alle voorzieningen die daarbij horen, zoals gezondheidscentrum, politiepost, waterleiding, electriciteit, lagere scholen, V.O.J. scholen en zeer recent zelfs een V.O.S. school, bioscoop, sportvelden (w.o. het Brielle en het Singhstadion), een Volkshogeschool van NAKS en een markt.

In de jaren '20 werd er ook een nederzetting gevestigd van javaanse immigranten, die na afloop van hun contract zich als vrije kolonisten daar vestigden. De bevolking van Lelydorp nam mede hierdoor sterk toe.

In vergelijking met de hoofstad Paramaribo is hier geen sprake van dichte bewoning. De "dichtst" bewoonde gebieden liggen in de randstad zoals bijvoorbeeld: Livorno-zuid, Hanna;s Lust, Dijkveld en Rahemal. Het agrarisch karakter van deze gebieden is nog niet geheel verdwenen, terwijl de rest van het distrikt Wanica nog een uitgesproken agrarisch karakter draagt.

Gebieden langs de  Indira Ghandhiweg, zoals Tout lui Faut, Welgedacht, Mijnzorgweg, Magentapolder Leidingen-Oost en de gebieden rondom Lelydorp en Domburg hebben duidelijk meer inwoners dan de rest van het distrikt. Schaars bevolkt is het gebied ten westen van Lelydorp tussen reeberg en de Saramaccarivier, waar zich ook een groot aaneengesloten zwampgebied zich uitstrekt.

Het district Wanica heeft een druk verkeer, dat zich vooral toespitst op de uitvalswegen van Paramaribo, die door het district lopen.

De belangrijkste zijn:

 

- de lndira Gandhiweg (vroeger geheten Pad van Wanica), die de verbindingsweg vormt tussen Paramaribo en de Johan Adolf Pengel Luchthaven (vroeger geheten Zanderij). Langs deze weg wonen tegenwoordig veel mensen die elders hun werkkring hebben, maar er zijn nog altijd vele kleinlandbouwers gevestigd, die vooral groenten verbouwen. Vroeger was rijst in dit gebied het belangrijkste product, maar daar is momenteel niet veel van over. Ook vestigden zich kleine industrieën en andere ondernemingen langs deze weg. Genoemd kunnen o.a. worden de margarine- en vettenfabriek,  de radiostations Radika en Sangeet Mala en de terreinen van de Golfclub Paramaribo.

 

- de Martin Luther Kingweg, in de volksmond ook bekend als de Highway. Deze weg werd in de late jaren '60 aangelegd door vrijwel onbewoond gebied als een snelle verbinding van het bauxietbedrijf te Paranam met Paramaribo. In de jaren daarna raakte het gebied dat door de weg werd ontsloten steeds meer bewoond. Ook het verkeer naar gebieden ten Zuiden van Paranam maakt als regel gebruik van deze weg, waardoor zij nu een drukke verkeersader is geworden.

 

- de Sir Winston Churchillweg, die werd aangelegd in de vroege jaren '30 en die de verbinding vormt van Paramaribo met de oude nederzettingen aan de linkeroever van de Surinamerivier, tot Domburg.

Aan deze weg hebben zich in de afgelopen jaren enkele belangrijke bedrijven gevestigd, waar onder de cementfabriek van Vensur en de raffinaderij van Staatsolie.

 

- De Kwattaweg met haar verlengde het Garnizoenspad - vormt de kortste verbinding van Paramaribo met de brug over de Saramaccarivier en vrijwel alle verkeer van Paramaribo naar Saramacca, Coronie en Nickerie gaat over deze weg, waardoor de Kwattaweg een der drukste verkeersaders vormt in Suriname.

 

Vroeger woonden aan de Kwattaweg bijna alleen mensen die de kleinlandbouw uitoefenden, maar tegenwoordig wonen er ook veel personen die een betrekking elders hebben.Verder hebben zich ook een aantal kleine ondernemingen gevestigd. Maar nog altijd is de Kwattaweg een der belangrijkste leveranciers aan Paramaribo van melk en groenten.

Dicht bij de Derde Rijweg worden elke zondagmorgen en woensdagmiddag markten gehouden, die steeds druk worden bezocht. Daar vinden we ook een politiepost, een gezondheidscentrum, een filiaal van een bank, een centrum van de landbouwvoorlichtingsdienst, lagere scholen en een lbgo-school.

 

Via de Henri Fernandesweg (Weg naar Zee) en de Oedayrajsingh Varmaweg komt men bij het oudste (openlucht) crematorium van Suriname, aangelegd in 1968. In die omgeving, aan zee, werd door een particuliere organisatie ook een bedevaartsoord aangelegd. Ook vormt het eindpunt van de Henri Fernandesweg het vertrekpunt voor vissers, die hun beroep uitoefenen voor de kust, op de Vissersbank. Vroeger was Weg naar Zee voor sportjagers en vissers nog een paradijs, waar ze gemakkelijk aan kwiekwies of bosdoksen konden komen. Dat is echter allemaal verleden tijd. Langs de weg wonen er nu vooral landbouwers, die groenten verbouwen voor de markt. Ook aan deze weg zijn intussen enkele recreatieve instellingen gevestigd, die veel mensen van overal trekken.

 

- de Commissaris Weytinghweg met de Mr. Perdoeman Chandi Shawweg, die Paramaribo verbindt met Uitkijk aan de Saramaccarivier, waar men met een veerboot kan oversteken naar Hamburg. Deze weg loopt door de Saramaccapolder en alle Leidingen (aangelegd vanaf 1906). Ook langs deze weg woonden er vroeger uitsluitend landbouwers, die vooral rijst verbouwden. Maar ook hier zet de verstedelijking sterk door en in de laatste jaren is er niet alleen een aantal bedrijven gevestigd, maar ook gaan er veel forensen wonen. Op Leiding 9A en aan de Weg naar Uitkijk zijn er politieposten. Ook vinden we langs deze weg een aantal scholen en poliklinieken.

 

Andere grote bevolkingsnederzettingen vinden we, behalve in de reeds genoemde, in dit district ook te Koewarasan, te Livorno, in het SantoBoma-project, te Houttuin en in de Uitkijkpolder. De aanleg van de (voormalige) dorpsgemeente Koewarasan begon vanaf 1939. Er bestonden toen plannen om op grote schaal de kolonisatie van Javanen ter hand te nemen. De eerste groep van deze kolonisten kwam in 1939 hier aan met de Kota Gedeh, maar door het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog is het bij die eerste groep gebleven. Livorno was vroeger een plantage en werd later een vestigingsplaats, waar vooral hindostaanse immigranten zich vestigden. Ook had de R.K. Missie op het eind van de vorige eeuw er een internaat voor hindostaanse jongens gevestigd.

Het Santo-Boma-project is een landbouwproject van de jaren '60, waar een grote bacovenaanplant werd aangelegd, terwijl kleine landbouwers ook een perceel konden krijgen voor de aanplant van vooral fruit. Als bacovenonderneming is Santo Boma geen succes geworden, maar veel landbouwers hebben zich daar een goed bestaan kunnen verwerven, terwijl de resultaten van de bacoveproef later gebruikt konden worden bij de aanleg van de bacovenondernemingen te Jarikaba en Nickerie. De Uitkijkpolder werd aangelegd in het kader van het 10-jarenplan en was vooral bedoeld voor de cultuur van rijst.Niet onvermeld mag blijven dat zich ook veel personen, vooral landbouwers hebben gevestigd langs de zijwegen van de vorengenoemde hoofdwegen en dat zo in de binnenwegen ook belangrijke nederzettingen ontstonden.Ook werd te Santo Boma in 1968 een nieuwe strafgevangenis in gebruik genomen ter vervanging van de gevangenissen van Fort Zeelandia en Nw. Amsterdam.